Zachte smaak

  • De titel van hoofdstuk 30 Mijn eten en drinken hebben een zachte smaak verwijst naar:
    • mijn overgevoeligheid voor gekruid, zuur en bitter eten
    • ik kan beter niet iets eten met een sterke of scherpe smaak
    • ik ben overgevoelig voor krampen in mijn darmen en problemen met mijn stofwisseling of spijsvertering
    • ik kan beter niet te zoet eten of drinken
    • ik word snel duizelig of misselijk na het eten van te zoet eten of drinken, en het is ook slecht voor mijn niet zo erg sterke gebit en overgevoelig tandvlees